Betere verwijzing en duidelijke regelgeving maken een wereld van verschil!
“Als je geen uitweg meer ziet waar vind je dan de hulp die je zoekt? Bij wie kun je dan aankloppen? Waar kun je terecht?”
Michelle kreeg op haar 19e haar eerste kind maar een half jaar na de geboorte liep haar relatie stuk. Samenwonen met de vader werd daardoor onmogelijk, en ze moest op zoek naar andere woonruimte. Terug naar haar ouders was slechts een tijdelijke optie. Ze bivakkeerde daar op de bank en de verstandhouding met haar ouders was op dat moment gecompliceerd. Een onhoudbare situatie voor de langere termijn. Bij wie kun je aankloppen voor hulp? Waar kun je terecht? Een hele zoektocht die Michelle aan den lijve meemaakte. Door de ervaring die ze hiermee op deed wil ze nu andere jongeren, die tegen complexe of onduidelijke regelgeving aanlopen helpen, door zich als vrijwilliger in te zetten bij Speaking Minds en de Escaperoom.
“Wees blij dat je niet onder een brug hoeft te slapen” Aankloppen bij de gemeente is niet direct een vanzelfsprekendheid. Dat weet ik nu”
“Ik klopte aan bij de gemeente en legde mijn situatie uit. Ik vertelde dat ik een kindje van acht maanden had en weer naar school zou gaan maar geen woonruimte had. Ik zat met mijn handen in het haar en wist niet waar ik het moest zoeken. Op een hele botte manier kreeg ik nul op ‘t rekest: ‘Wees blij dat je niet onder een brug hoeft te slapen, maar ouders hebt waarbij je terecht kunt.’ Dat werd daar letterlijk zo gezegd.” Ze is er nog boos om. Waarom niet gewoon doorverwijzen naar instanties die wél kunnen helpen? Een manco in de dienstverlening, maar vooral onnodig cru. Ze heeft het er nu over met professionals. Achteraf bleek dat die betreffende gemeente nota bene een jongerenconsulent in huis had die had kunnen helpen. “Inmiddels ben ik op de hoogte dat je ouders tot je 21ste verantwoordelijk voor je zijn. Niet de gemeente, niet de overheid maar je ouders. Daar had ik toen geen idee van. Maar dan nog? Wat als dat niet lukt? Mijn boodschap: investeer in een betere doorverwijzing. Geef aan waar mensen terecht kunnen. Luister naar ze en probeer open te staan. Als ze even de moeite hadden genomen om het uit te leggen was het waarschijnlijk allemaal niet zo moeizaam gegaan.”
Hulp uit onverwachte hoek
Een docente op school die met me begaan was verwees me naar de schooldecaan. Die heeft me geholpen en begeleid bij het aanvragen van een woning. Ze hielp me bij het regelen van administratieve zaken die gelden voor een 18-plusser en met het organiseren van babyspullen. Iemand die praktisch met je meedenkt, want ik had in eerste instantie niks. De reguliere moeder- en kindopvang zat nog voor maanden vol. In mijn wanhoop ben toen naar een blijf-van-mijn-lijf huis gegaan hoewel ik destijds zelf vond dat daar eigenlijk niet hoorde. Toch waren er uiteindelijk genoeg problemen in de relatie (onveiligheid) waardoor ik wel mocht komen. Dat betekent wel dat je geen enkel contact meer hebt met de buitenwereld. Niet naar buiten gaat. Er worden boodschappen voor je gehaald. Ik had me wel al ingeschreven voor een woning via Thuis Limburg en uiteindelijk mocht ik onder toezicht kijken of ze me digitaal iets hadden gestuurd. Dat was het geval en zelfs op redelijk korte termijn. Ik had geluk gehad en was de koning te rijk…
Save the Children en Speaking Minds
Via Save the Children werd ze ambassadeur bij Speaking Minds. Als vrijwilliger is Michelle (inmiddels al 7 jaar) verbonden aan Speaking Minds. Jongeren vertellen hier wat ze nodig hebben, denken mee en adviseren bij lokaal en gemeentelijk beleid. Tijdens het traject bij Speaking Minds leren jongeren hoe beleid tot stand komt en op welke wijze ze hun stem kunnen laten horen. De gemeente kan dan bekijken wat zij in de praktijk kunnen doen om hen beter te helpen. Minder afstand, betrokkenheid en laagdrempeligheid is wat Michelle bepleit. Dat kan een hoop ellende voorkomen.
Op deze manier wordt gezocht naar een goede, praktische invulling van beleid die jongeren helpt. Als Michelle vrij heeft sluit ze zoveel mogelijk bij activiteiten aan. Als ze werkt lukt dat niet. Voorheen raakte ze hierdoor in een spagaat, wilde te veel ballen in de lucht houden. Daar is ze zich nu van bewust, want ze raakte erdoor in een burn-out. Momenteel is ze bezig met re-integreren. Ze moet keuzes maken in wat ze doet en is voornemens om minder uren te gaan werken.
BE YOUng en de Escaperoom
Als spreker nam Michelle deel aan de jongerenavond ‘Be YOUng’ van Burgerkracht Limburg waar ze ook luisterde naar verhalen van andere jongeren. Bij Burgerkracht Limburg deelt ze regelmatig haar ervaringsverhaal en is ze betrokken bij de ontwikkeling van de Escaperoom. Daar wíl en blijft ze enthousiast aan meewerken omdat ze het van belang vindt. Het is haar passie geworden. Ze haalt er energie uit. Iets wat ze van tevoren nooit had kunnen bedenken. “Het brengt me iets. Ik kan iets voor anderen betekenen en voel me eindelijk in mijn kracht staan. Professionals geven aan van mijn input te leren. Dat voelt goed en ik voel me daardoor eindelijk serieus genomen. Op waarde geschat”.
Momenteel is Michelle is 26 jaar oud en werkzaam als onderwijsassistent basisonderwijs in Epen. Ze heeft twee kinderen van respectievelijk 4 en 7 jaar en verwacht begin augustus haar derde kindje. De zorg/opvang voor haar kinderen deelt ze samen met haar ex-partner, haar ouders en kinderopvang. Dat is nog een heel gepuzzel want in principe werkt Michelle nu nog fulltime en blijft ze het belangrijk vinden om tijd te besteden in haar werk als vrijwilliger.
“Maak wat waardeloos leek weer waardevol!”
“Zonder empathisch vermogen kún je dit werk helemaal niet doen”
Wiel Schoenmaekers is 67 jaar. Sinds enkele maanden is hij met pensioen, maar daarom niet minder actief. Integendeel! Afkomstig uit Heerlen woont hij tegenwoordig met veel plezier in hartje Weert. “Zonder empathisch vermogen kún je dit werk helemaal niet doen!”, zegt hij. De cliënt tegenover me is de beginsituatie, het uitgangspunt. Vanuit zijn verhaal gaan we samen aan de slag
“Ik feliciteer de cliënt die hier voor hulp komt”
“Proficiat!”, zeg ik als een cliënt hier voor de eerste keer komt. “Waarmee?”, wordt dan vaak verbaasd gereageerd. “Nou… je bent in beweging gekomen om iets aan je situatie te doen. Dát alleen al is pure winst. Elk klein stapje is er ééntje in de goede richting. Jij hebt zojuist een begin gemaakt!”
En dan komt het verhaal. Daar ga ik dan eens goed voor zitten en luister zonder waardeoordeel want iedereen is het waard om er te zijn. Het rugzakje, gevuld met alles wat hij of zij heeft meegemaakt gaat open. Het is fijn als ik dan mijn levenservaring en ervaringsdeskundigheid op het gebied van sociale zekerheid – met name op het gebied van ziekte- en arbeidsongeschiktheid – kan inzetten om te helpen. Ik kan mensen begeleiden, iets voor ze betekenen. Ik vang hun signalen op en kijk waar ik van toegevoegde waarde kan zijn. Op zich is dat alleen al een hele hoop om mee te dealen. Daar moet je nauwkeurig mee omgaan. De kwaliteitslat ligt bij mij hoog. Ik leg daardoor weleens druk op mijn nog ‘lerende’ collega’s, maar het is nodig want het luistert nauw.
“Niets doen past niet bij mij”
De laatste vijf jaar van mijn ‘werkzame’ leven was ik reïntegratieadviseur en beleidsmedewerker bij Maasgroep. Ik heb ik toen veel contact gehad met het UWV, met name in de Oostelijke en Westelijke Mijnstreek. Daar heb ik veel van opgestoken. Die kennis komt me nu, als spreekuurhouder, goed van pas. Helaas hield het bedrijf op te bestaan en kwam ik op mijn 62ste op straat te staan. Maar niets doen past niet bij mij. Toen ik een advertentie van Burgerkracht Limburg zag langskomen, waarin ze een spreekuurhouder in Weert konden gebruiken ben ik daar direct op afgestapt. Die vacature was mij op het lijf geschreven. Ik kreeg er meteen een ‘warm’ gevoel bij. Op die manier kwam ik terecht bij René Suijkerbuijk van de Pijler bij Burgerkracht Limburg. Inmiddels doe ik dit werk alweer vier jaar met veel plezier en voldoening.
“Een rustige start, dat is nu heel anders; men weet ons meer en meer te vinden we zijn dus goed bezig”
Het Platform Sociale Zekerheid Weert e.o. is op 1 september 2019 gestart. De start was rustig. Om het Platform onder de aandacht te brengen hebben we foldertjes laten drukken die ik met de fiets ben gaan bezorgen. Vermeld stond wat wíj voor mensen kunnen betekenen. Bij de opening van het Platform hebben we ook direct de gemeente uitgenodigd. We hebben duidelijk verteld dat we niet in hun vaarwater zitten wat betreft de participatiewetgeving, maar wél denken samen te kunnen optrekken. Dát was een schot in de roos en dat heeft geresulteerd in een goede samenwerking. Want naast het helpen van individuele mensen, is het opbouwen van een goed netwerk van groot belang. We zijn met velen in verbinding en worden goed gevonden door o.a. maatschappelijk werk, Schulddienstverlening Gemeente Weert en de Zorggroep. Dat we goed bereikbaar zijn – we hebben een geweldige ruimte in het oude stadhuis – helpt daarbij. Schulddienstverlening Gemeente Weert zit bij ons op dezelfde gang. Korte lijnen dus. Hoe mooi wil je het hebben? Ook overleggen we regelmatig met andere spreekuurhouders in Limburg met een juridische achtergrond.
Goed om te weten
Wij geven desgevraagd advies en inlichtingen op het gebied van werknemersverzekeringen en toeslagen. Vaak blijkt dat mensen die met ziekte en regelgeving te maken krijgen onvoldoende op de hoogte zijn van hun rechten en plichten. Wij geven voorlichting (ook aan groepen) leggen het uit maar uiteindelijk beslist iemand altijd zelf welk pad hij wil bewandelen.
Over Wiel Schoenmaekers
Oorspronkelijk is Wiel afkomstig uit het basisonderwijs, waar hij 21 jaar als onderwijzer en schooldirecteur werkte. Hij maakte een overstap naar de ICT-wereld, waar hij werkte als consultant maar ook als leraar ICT. Wiel is loyaal, toegewijd en nauwkeurig. Hij heeft bovendien een sterk analytisch vermogen en kan processen inzichtelijk beschrijven. Hij is een teamspeler maar bovenal een mensen mens.
We kijken terug op een geweldige netwerkdag in de ECI cultuurfabriek. Samen met meer dan 200 gasten hebben we de hele dag elkaar geinspireerd, verbonden en ontmoet!
Gasten konden o.a. lezingen van Burgerkracht de Pijler bijwonenen, meedoen met interactieve sessies van Positive Gezondheid en deelneemn aan de Miro Cares game app van CARE-FREE. Sprekers Hans Peter Jung en Houda Loukili wisten hun publiek te raken met bijzondere verhalen over gezondheid, kracht en vallen en opstaan.
Kers op de taart was de nieuwe editie van EmPOWER. Finalisten Sam Sam Nuth, Mijn Scootie, Voedselhulp Westelijke Mijnstreek en de Kippen van Mariaberg probeerden zoveel mogelijk stemmen van het publiek te winnen om aan het einde naar huis te gaan met een mooie cheque.
We willen alle gasten, sprekers, workshopleiders en collega’s bedanken en zien jullie graag allemaal terug op de netwerkdag van 2024!
Een kleine sfeerimpressie van deze bijzondere dag:
“Eigenlijk had ik alles; maar ik weet nu; zo heb je alles, en zo heb je niks.”
Tim Wollendorf is 43 jaar en woont met zijn zoon van 11 en dochter van 14 in Geleen. Van huis uit is hij bakker. “Vroeger leidde ik een heel ‘normaal’ bestaan. “Eigenlijk had ik alles”, vertelt Tim. “Ik leefde een zorgeloos bestaan. Ik had een gezin, een goedbetaalde baan en kon me op jonge leeftijd van alles permitteren. Een koopwoning met zwembad, een auto, vakanties noem maar op. Dat het zomaar kan veranderen had ik nooit kunnen bedenken, Maar dat het iedereen kan overkomen, dát heb ik zelf aan den lijve ervaren. Zo heb je alles, en zo heb je niks.”
Je belandt in een nachtmerrie en zie daar maar weer eens uit te komen
Soms maak je in je leven dingen mee waardoor alles op zijn kop komt te staan. Het brengt je zó uit balans dat je de volledige controle kwijtraakt en niet meer weet waar je het zoeken moet. Als je naast die persoonlijke misère in de ‘buitenwereld’ ook nog eens tegen een muur van onbegrip en complexe regelgeving stuit, ervaar je onmacht. Dan gaat het helemaal mis. Je belandt in een ongekende nachtmerrie. Kom daar maar weer eens uit!
“Een dak boven je hoofd, een boterham op tafel. Dat klinkt simpel maar is het lang niet altijd.”
Tim’s huwelijk strandt. Een nieuwe relatie, waaruit zijn zoon wordt geboren, loopt op een heftige manier spaak. Moeder blijkt ernstige psychische problemen te hebben en is totaal niet in staat om voor het kind te zorgen. Tim wijst instanties hier meerdere malen op maar wordt niet gehoord. De zorg voor het kind wordt – ondanks zijn tegenwerpingen – aan de moeder toevertrouwd. Met alle gevolgen van dien. Een onverantwoorde, gevaarlijke thuissituatie ontstaat. Het gaat helemaal mis. Tim moet veel ballen in de lucht houden. Een onmogelijke zaak, waardoor hij zijn huis en uiteindelijk ook zijn baan verliest. De relatie houdt geen stand en Tim moet de woning, die op zijn naam staat, verlaten. Hij raakt diep in de schulden. Maar het allerergste is dat hij het voogdijschap over zijn zoon niet krijgt. Ondanks het feit dat hij al vanaf zijn geboorte voor het kind zorgt. Op een gegeven moment heeft hij zelfs helemaal geen inkomen meer en wordt voor korte tijd dakloos. Uiteindelijk wordt het kind toch bij de moeder weggehaald en zijn zoon wordt ondergebracht bij een pleeggezin. Hoe krijg je je leven dan weer op de rails? Waar moet je beginnen en wie helpt je daarbij? Tim besluit ervoor te knokken.
Zorg in Nederland een complexe zaak: ‘daar word je goed wanhopig van’
”Mijn kinderen zijn voor mij het belangrijkste in mijn leven. Die wil ik bij me hebben, ervoor zorgen. Maar dat gaat niet zomaar vanzelf. Vooral niet als je een man bent. Vrouwen hebben op dat gebied een andere status. De hulpverlening is ook aan allerlei regels gebonden. Ik heb met veel tegenwerking moeten dealen. Daar word je goed wanhopig van en dan laat je jezelf ook niet van je mooiste kant zien. Dat praat ik niet goed, maar het gebeurt. Met als gevolg dat ik nog erger in de problemen kwam. Psychische zorg, bureau Jeugdzorg, de hele ambtenarij heb ik voorbij zien komen”. Gelukkig kwam mijn zoon terecht bij een goed opvanggezin. Tim heeft daar nog steeds contact mee. “Ik moest een gezonde thuissituatie creëren en daar is heel wat voor nodig”. Hij moest maar eens gaan bewijzen dat hij voor zijn zoon kon zorgen. Er cursussen voor volgen. Bewijzen dat hij het ook daadwerkelijk aankan. Cursussen volgen zoals: Hoe ga je met een huilbaby om? Een agressietraining en nog een paar. Van alles heb ik doorlopen. Gelukkig lukte me dat goed. Ook moest er een veilige woonomgeving komen. Dat is me uiteindelijk gelukt. Ik kon een huisje naast mijn moeder huren, ooms tantes neven en nichten waren bereid om – indien nodig – te helpen. Je moet een degelijk vangnet hebben. Ik ben als vrijwilliger voor een bedrijf bij een zwembad gaan werken. Daar ga ik drie dagen in de week met veel plezier naar toe. Het is een fijne werkomgeving waar ik gewaardeerd word en waar ik me nuttig voel. Ik vind het leuk om met mensen te werken. Momenteel werk ik niet meer in loondienst want is dat is niet te combineren met de zorg voor te mijn kinderen. Die is tamelijk complex. Er is veel aan de hand. En mijn eerste prioriteit blijven mijn kinderen. Daarna zie ik weer verder.”
“Ben eerlijk over jezelf. Verzin geen smoesjes om jezelf in een beter daglicht te zetten”
“Wat ik mensen in een soortgelijke situatie wil meegeven? Vertel het eerlijke verhaal, leg het uit. Dan wordt er eerder met je meegedacht om samen tot een oplossing te komen. Soms moet je slikken, af en toe ja en amen zeggen. Maar probeer dingen los te laten en probeer vooral niet uit emotie te reageren. Dat was mijn valkuil. Ik zit inmiddels bij een klantenpanel van de Kredietbank om met anderen ervaringen uit te wisselen. Wat gebeurt er als je in de schuldsanering terecht komt? Wat zijn verbeterpunten? Ik probeer aan te geven waar je tegen aan kunt lopen als je bijvoorbeeld je huis kwijtraakt. Ook al woon je er zelf niet meer, àlles wat er gerepareerd of veranderd moet worden – ook al hoef je jezelf niets te verwijten – komt voor jouw rekening. Van slotenmaker tot allerlei aanpassingen waarvan je geeneens weet hebt, jíj draait ervoor op. Want het huis staat op jóuw naam. En dat wordt allemaal bij de schulden die je al had, opgeteld. Ik ken mensen die in eenzelfde soort ellende zitten als ik. Die verwijs ik naar mijn bewindvoerder want zij heeft me goed geholpen en kan dat misschien ook voor anderen doen. Bij Burgerkracht Limburg gaan we kijken hoe ik mijn verhaal kan inzetten om anderen te helpen. Ik weet uit ervaring hoe moeilijk het is om je open te stellen, daar moet je eerst je schaamte voor overwinnen. Als ik daarbij kan helpen zou dat mooi zijn.”
Over dromen, drijfveren en inspiratie – “Waarom wordt iemand arts?”
“Voor mij begon het allemaal met het boek ‘Dorp aan de rivier’ van Anton Coolen.
Het verhaal van een dorpsdokter die zich inzet voor de dorpsbewoners. Hij is betrokken, leeft met hen samen in verbondenheid met de natuur. Dat boek las ik op de middelbare school. Het raakte me enorm als jong mens. Ik dacht meteen, dat wil ik ook! Mijn vwo-opleiding had ik afgerond, ik had de Alfa vakken gekozen en hoge punten gehaald. Natuur- en scheikunde, daar was ik eigenlijk helemaal niet zo goed in. Maar door dat boek wilde ik geneeskunde gaan doen. Dankzij mijn mooie cijfers mocht ik alsnog meedoen aan de loting. Ik kreeg een jaar de kans om de andere vakken alsnog te halen. Het feit dat je iets graag wilt, zegt lang niet altijd dat je het ook kan. Maar het mooie is dat het me wèl lukte. Het gebeurde gewoon. Ik lééf mijn droom en woon nu zelfs aan diezelfde rivier de Maas.”
“Ik wilde eigenlijk de dokter zijn die niet meer bestond”
Ik had affiniteit met het ouderwetse doktersverhaal, maar dat speelde natuurlijk in een heel andere tijd. Dat kon ik niet waarmaken in mijn eigen manier van werken. Mijn praktijk werd steeds drukker. Ik ging me steeds meer haasten en had te weinig tijd voor mijn patiënten. Daar werd ik niet blij van. Ik wilde eigenlijk de dokter zijn die niet meer bestond. Toen ben ik gaan nadenken. Waarom doe ik dit werk ook weer? Hoe kan ik dat op een goede manier doen voor de ander, maar ook voor mezelf? Met de rug tegen de muur kom je pas in beweging en ga je besluiten nemen. Het overlijden van onze dochter speelde daarin mee. Wat ik wilde doen moest op een andere manier gebeuren en de moeite waard zijn. Ik wilde mijn vak zodanig organiseren dat waardes die ík belangrijk vind daarin een plaats kregen. Het toeval wilde dat er een regionetwerk Positieve Gezondheid werd opgezet. Daar ben ik heen gegaan en die persoonlijke insteek voelde meteen goed voor mij. Daarmee wilde ik aan de slag. Mijn vrouw ondersteunde mijn plannen. Toen het financiële plaatje rond was kreeg ik de rust en ruimte in mijn hoofd en ging ik organiseren hoe mijn vak graag vorm wil geven. Ik ging samenwerken met twee collega’s die deze ‘nieuwe manier van werken ook omarmden en we hadden het geluk dat de zorgondersteuner ons steunden.
Anders werken en de weg naar Positieve Gezondheid
Positieve Gezondheid gaat uit van een brede kijk op gezondheid en werkt met zes dimensies. Deze dimensies komen voort uit onderzoek naar wat mensen zelf verstaan onder gezondheid, want een mens is meer dan zijn ziekte of beperking. Ook zingeving en kunnen meedoen bepalen kwaliteit van leven. Door het gebruik van het spinnenweb kunnen mensen hun eigen gezondheid in kaart brengen. Dat maakt duidelijk wat iemand nodig heeft om zich goed te voelen. En dat is lang niet altijd medicatie of een medische ingreep. Wanneer je als arts je patiënt écht ziet en hoort en oprecht de vraag stelt: ‘hoe gaat het met u?’ nodig je mensen uit. Dan vertellen ze eerder waar het schuurt en kom je tot de kern. Daardoor zijn minder verwijzingen naar specialisten nodig. De focus ligt dan op het voeren van eigen regie, het vermogen om je aan te passen aan de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen van het leven. Als arts ga je dan sámen met de patiënt (maar ook met andere zorgverleners, thuiszorg en de gemeente) op zoek naar een oplossing. Wanneer iedereen zijn of haar eigen verhaal doet dragen ze vaak zelf een oplossing aan. Dat is een heel andere insteek dan wanneer je alleen als arts de problemen wil oplossen. Als voorbeeld noem ik het huiskamerproject Béjèn in Afferden. Mensen die wekelijks bij ons op het spreekuur kwamen met lichamelijke klachten hebben we daar mee naar toegenomen en zien we vervolgens niet meer terug op het spreekuur. Er is weer verbinding gevonden, mensen zijn minder eenzaam, maken een praatje en ondernemen samen leuke dingen.
Een nieuwe praktijk
Sinds kort hebben we een nieuw praktijkpand in gebruik genomen waar we verder kunnen bouwen aan het gedachtengoed van Positieve Zorg. Naast de artsen is er ook ruimte voor fysiotherapie en logopedie. Daarnaast zijn er leerruimten voor studenten om samen met burgers projecten te doen. Via de tuin is de verbinding met de natuur gemaakt. Daar willen we een biologische moestuin opzetten waar we straks op een gezonde manier groenten en fruit willen kweken. Zo zijn we weer een stapje verder op weg. En zoeken we naar manieren om ‘goed te doen’ en naar mogelijkheden om dit te delen met de gemeenschap. Ik hoop dat het nieuwe integrale zorgakkoord de mogelijkheid biedt om zorgverzekeraars mee te krijgen om mee te durven dromen. Zodat we weer allemaal dicht bij de mens staan! Kortom, een ouderwetse dorpsdokter. Maar dan in een nieuw jasje!
Biografie
Hans Peter is huisarts en woont samen met zijn vrouw Simone in Afferden in een pand dat al 75 jaar “het huis van de dokter” is. Praktijk en woonhuis waren tot voor kort gevestigd in hetzelfde pand, dat al decennialang dient als ‘thuis’ voor verschillende dokters en hun gezinnen. Zo ook voor Hans Peter, zijn vrouw Simone en hun drie kinderen. Maar dat veranderde onlangs…
Elvira Derks; ‘Goede patiëntenzorg is onlosmakelijk verbonden met informele zorg’
De toegevoegde waarde van informele zorg staat niet duidelijk op ieders netvlies. Daar valt nog een hele inhaalslag te maken!
Informele zorg wat is dat eigenlijk precies?
Informele zorg is álle onbetaalde zorg en ondersteuning die niet door een professional wordt verricht zoals bijvoorbeeld mantelzorg en zelfregie. Informele zorg gebeurt door een partner, familielid, vriend of kennis. De beste manier zoeken om samen te werken met informele zorgverleners en professionals dát is de uitdaging. Daarbij moet het uitgangspunt zijn dat de cliënt de best mogelijke zorg krijgt en de informele zorgverleners niet overbelast raken.
“De kracht van herhalen daar geloof ik heilig in”
Waarom is samenwerking tussen formele en informele zorg zo belangrijk en wat maakt het ingewikkeld? “Bij een grote organisatie zoals Zuyderland (6000 werknemers in de ziekenhuizen) is het lastig om iedereen goed te bereiken. Je moet niet alleen de juiste kanalen aanboren maar ook de focus op samenwerking blijvend onder de aandacht te brengen, blijven herhalen zodat het op de agenda blijft staan!”
Zuyderland en Informele zorg
Elvira is beleidsfunctionaris Persoonsgerichte Zorg/Kwaliteit & Veiligheid Zuyderland. Een professional die zich bezighoudt met informele zorg binnen het team Persoonsgerichte Zorg. “We willen de mens achter de patiënt beter leren kennen, daar hoort ook de mantelzorger bij. Daarbij stellen we ons steeds weer opnieuw de vraag: ‘wat kunnen wíj als ziekenhuisorganisatie doen om de positie en de rol van de mantelzorger te versterken?’ Met andere woorden: een nog prominentere rol geven. Wanneer de strategie gericht is op de best mogelijke zorg thuis dan betekent dit ook dat je niet alleen de wensen en behoeften van de patiënt, maar ook kijkt naar wat de sociale omgeving nodig heeft. De mantelzorger heeft allerlei zorgtaken en wordt aangespoord om mee te gaan naar gesprekken bij zorgverleners. Maar er is onvoldoende zicht op hoe het hele plaatje structureel is ingericht. Deelnemen aan projecten waar patiënten en mantelzorgers aansluiten is daarom belangrijk. Een voorbeeld hiervan is het Ouderenpanel om de zorg voor de oudere patiënt nog verder te verbeteren. Dat doen we samen met Burgerkracht Limburg. Naast mantelzorgers nemen ook overkoepelende partners deel aan de bijeenkomsten zodat helder wordt wat er ontbreekt om die persoonsgerichte zorg zo effectief mogelijk aan te bieden.
Meer bekendheid door middel van lotgenotencontact (de Zelfregietool)
We wijzen zorgverleners met patiëntencontacten op het bestaan van lotgenotencontact en mogelijkheden bij de informele zorg. De zelfregietool kan worden ingezet. De zelfregietool wordt vermeld op de aandoeningsgerichte pagina’s. Ook hebben we bekendheid eraan gegevens door middel van intranet berichten en verwijzen we naar www.zelfregietool.nl. Zuyderland kent fysieke themabijeenkomsten – waar patiëntenverenigingen aansluiten- en uitwisseling plaatsvindt. Naast deze fysieke bijeenkomsten verzorgen we webinars met de gelegenheid om per chat vragen te stellen aan de specialist. Dan zie je pas goed hoe mensen op elkaar reageren en de behoefte hieraan. Het positieve effect van lotgenotencontact is het gevoel hebben dat je er niet alleen voor staat. Die wetenschap doet een mens goed en dat is zichtbaar.
“Een fysiek trefpunt in het ziekenhuis dát is mijn droom en die van mijn collega’s”
Het ziekenhuis kent in tegenstelling tot zorginstellingen slechts korte contactmomenten met cliënten. Mijn droom is om binnen Zuyderland een fysieke plek te creëren. Een ontmoetingsplek voor professionals, patiënten en informele zorgverleners. Samen meer contact hebben waardoor een aansluiting binnen alle teams beter gewaarborgd blijft.
Bio Elvira
Elvira Derks 51 jaar is beleidsfunctionaris Persoonsgerichte Zorg/Kwaliteit & Veiligheid bij Zuyderland en van oorsprong verpleegkundige. Als mantelzorger weet ze ook uit eigen ervaring tegen welke knelpunten je aan kunt lopen. Om die reden ziet ze duidelijk niet alleen beroepsmatig maar ook gevoelsmatig de verschillende invalshoeken. Beleid vertalen naar de praktijk. Dát is haar missie!
Burgerparticipatie is nog niet in alle projecten vanzelfsprekend. Maar dat is natuurlijk wel onze ambitie, zeker in de Mijnstreekcoalitie. Maar hoe geef je hier vorm aan? Hoe kan je ervoor zorgen dat burgers binnen alle geledingen van de Mijnstreekcoalitie worden betrokken?
Als we kijken naar de Mijnstreekcoalitie dan kan burgerparticipatie op verschillende niveaus worden vormgegeven, namelijk op bestuurlijk niveau, project niveau en in de dagelijkse praktijk.
Burgerkracht Limburg heeft, onder andere binnen het project burgerparticipatie next level, een module ‘Burgerparticipatie vormgeven in projecten’ ontwikkeld om projectleiders en programmaleiders toe te rusten hier zelf mee aan de slag te gaan. Ook hebben we onderzocht hoe we Positieve Gezondheid onder de aandacht kunnen brengen bij burgers. We nemen jullie graag mee in onze bevindingen.
Burgerparticipatie vormgeven in projecten, hoe doe je dat?
Marja Veenstra, projectmanager legt uit: “Het biedt zoveel kansen en het werpt wel degelijk zijn vruchten af. Zeker na uitrol van het project. Maar toch blijven we zien dat het betrekken van burgers een lastig onderdeel kan zijn. We zijn tijdens het project gestart met coachingsbijeenkomsten. Hierbij lag de nadruk op vragen als: ‘Wie kun je betrekken?’, ‘Welke methodiek van participatie kun je het beste kiezen?’, ‘Hoe zorg je ervoor dat inbreng je product verder helpt (betekenisvolle inbreng)?’, ‘En hoe kun je deze toepassen?’
Hierbij is de theorie over burgerparticipatie besproken maar is het ook toegepast in de praktijk. Door te leren van elkaar en van ieders ervaring. Dat gebeurde aan de hand van projecten en programma’s passend bij de mijnstreek-coalitie. In dit project is gekeken naar drie doelgroepen:
We leggen eerst de basis vast van Burgerparticipatie in een visiedocument
Naast de coachingsmodule is er gewerkt aan een visiedocument. Door Corona was het helaas niet haalbaar om dit fysiek of via teams met de bestuurders op te pakken. Om die reden heeft Marja hen afzonderlijk gevraagd om input. Deze input is vervolgens verwerkt en samen met de bestuurders zijn de resultaten besproken. Na akkoord zijn deze resultaten meegenomen in het visiedocument. “Bestuurders vinden het belangrijk om burgers te laten participeren maar het blijft lastig om dit te borgen”, aldus Marja.
De geleerde lessen uit de praktijk
Marja vertelt, “Wat we tijdens het project vooral tegenkwamen is dat wanneer projectleiders daadwerkelijk aan de slag gingen, zelfs de meest gemotiveerde projectleider soms in de knel kwam. De voornaamste reden hiervoor is de borging. Het is van belang dat de bestuurder en de projectleider burgerparticipatie borgt en vastlegt in het projectvoorstel. Zodat mensen hierop ook afgerekend kunnen worden. Want wat we nu zagen, is dat als dit niet gebeurt, de kans dreigt dat de burger op de laatste plaats komt te staan. Het project moet immers af en zodra er tijdsdruk op komt te staan valt burgerparticipatie af. En dit terwijl de projectleiders goed weten wat de stem van de burger juist aan het einde oplevert. Het kost wel energie om gemotiveerd te blijven en de relevantie te blijven zien. Omdat nu extra tijd aan de voorkant van het project zit. Hier moet goed rekening mee worden gehouden in de projectplanning. Ook betekent dit dat er goed gekeken moet worden naar de juiste vorm van participatie zodat het project er het maximale uit kan halen. Het kost tijd en energie, ook voor de participanten.”
De tijd en energie die aan de voorkant erin wordt gestoken levert veel op
En dat is soms omdenken. Je haalt de weerstanden en zaken die burgers na implementatie van het project vaak zien en meemaken nu al aan de voorkant weg. Deze is al getackeld omdat burgers zijn betrokken. Het eindproduct sluit beter aan bij de doelgroep, de burgers. En daar ontwikkel je het product voor.
“Ambitie was om mensen toe te rusten zodat ze zelf de participatie handen en voeten kunnen geven maar dat blijft een uitdaging. Er wordt toch nog om ruggespraak gevraagd. We maken ons dus nog niet overbodig. Ook omdat er vaak nog draagvlak nodig is om het op de agenda te krijgen en we hebben veel expertise in wat wel werkt en wat ook niet werkt”, aldus Marja.
Burgers betrekken is heel belangrijk
“We zien dat het heel belangrijk is om burgers te betrekken. Je haalt veel zaken al aan de voorkant weg die de gebruiker ervaart. Daardoor is het eindproduct kwalitatief veel beter. We hebben in het project ook vooral gekeken naar wat kunnen we samendoen. Als we haakjes zagen met andere projecten dan haakten we daarbij aan. Zo hebben we ervoor gekozen om voor de doelgroep ‘ouderen in een kwetsbare positie’ aan te haken bij het project ‘Veerkrachtig Samen Beslissen’ (VSB). En bij de vraag hoe we ervoor kunnen zorgen dat minder mensen contact opnemen met de spoedzorg, kwamen wij erachter dat de oorzaak voor een groot deel bij de thuiszorgmedewerker lag die vaak doorverwijst en niet zozeer bij de patiënt. We hebben er ook voor gekozen om aan te haken bij de landelijke campagne die in de maak is. Zoals al aangegeven hebben we ook het gedachtegoed Positieve Gezondheid bij burgers onder de aandacht gebracht. Hiervoor hebben we webinars en workshops georganiseerd die goed werden bekeken. Dit is een goede tool om dit gedachtegoed onder de aandacht te brengen.”
Borging binnen een project is echt belangrijk”
De grootste geleerde les is de borging van burgerparticipatie binnen de projecten en dan echt de projectplanning. Daarnaast ook kijken naar het aansluiten bij bestaande initiatieven en zaken. De juiste verbindingen zoeken en vinden. Zodat we samen grote stappen kunnen maken. En als laatste blijft het belangrijk om te evalueren en steeds naar de doelgroep te kijken. Blijf workshops op maat aanpassen. Weet wie er voor je zit. Weet wie het product gebruikt. Kortom, samen, op maat, de juiste verbindingen leggen.
“Ik werk graag met mensen die gaan voor kwaliteit, die zich willen inzetten voor goede dingen!”
In mijn werk ben ik altijd al bezig geweest met ontwikkelen en vernieuwen. Ik help mensen bij verschillende projecten maar vooral projecten in de zorg en het sociale domein. Maar ik hoef niet persé kennis te hebben van de branche waarmee ik werk. Ik help mensen door te laten zien waar ze goed in zijn of waar iemand juist hulp bij kan gebruiken. Ik ben van nature rustig. Ik neem tijd om goed te luisteren en mensen individueel te bevragen. Ik probeer samenhang te creëren, laat gas terugnemen als het nodig is of moedig juist aan om meer op de voorgrond te treden. Op die manier starten we samen een zoektocht naar wat de groep nodig heeft om een project te laten slagen. Iedereen heeft zo zijn eigen talenten en als je die verschillende talenten kunt combineren dan werkt het. Op die manier help ik initiatiefnemers op weg. Daarbij kijk ik ook naar de behoefte van de klant en de haalbaarheid van wat ze willen realiseren.”
Burgerkracht Limburg en Groeikr8
Initiatiefnemers op weg helpen. Dat is precies wat Geert gaat doen bij de pilot van Burgerkracht Limburg: Groeikr8. Limburgers die een goed idee hebben bijvoorbeeld om de leefbaarheid in hun wijk of regio te vergroten krijgen de kans om met hun initiatieven en elkaar aan de slag te gaan. Dat gebeurt in vier fysieke sessies en vier online vraagbaak sessies onder leiding van Geert. In acht maanden tijd worden acht startende of lopende initiatieven samengebracht. Het programma start op 1 september 2023 en loopt tot en met april 2024.
“Mensen die twijfelen wil ik vooral aansporen om mee te doen. Ga de uitdaging aan! Samen kunnen we veel bereiken en je kunt je nog inschrijven! “
“Ik geloof in het benutten van passie en talent. Juist dàt maakt initiatieven mooi, leuk en vergroot de slagingskans van het project”.
Hoe ga je de initiatieven enthousiasmeren die meedoen aan Groeikr8?
Voor het project Groeikr8 wordt tijd uitgetrokken. De kracht voor dit project komt van mensen uit de samenleving. Creatieve mensen hebben vaak goede ideeën maar vinden het soms moeilijk om de in ideeën in stappen uiteen te zetten. De bedoeling is om samen te werken met verschillende partijen door creatieve co-creatie. Ik geloof in het benutten van passie en talent. Juist dàt maakt initiatieven mooi, leuk en vergroot de slagingskans van het project. Uiteindelijk moeten ze straks zelfstandig verder kunnen. Het is een gezamenlijk leerproces waarbij het prachtig is om te zien wat mensen meestal al in korte tijd kunnen neerzetten.”
Welke waarde kunnen initiatieven meenemen om projecten te verduurzamen?
Bij initiatieven wordt tegenwoordig gelet op duurzaamheid. Maar in dit geval is het minder concreet. Als iets werkt kun je het doorgeven aan een nieuwe generatie zodat het niet verloren gaat. Iets kan zich voortzetten, verder ontwikkelen of een andere vorm krijgen.
Als mensen aan het einde van het traject het gevoel hebben dat ze het zelf kunnen dan word ik blij. Want dat betekent dat ik in mijn rol ben geslaagd!
Biografie Geert
Geert is 55 is jaar en woont samen met zijn vrouw Jolanda in Venlo. Op zijn achttiende startte hij met de opleiding verpleegkunde en kwam in de verstandelijke gehandicaptenzorg terecht waar hij werkte bij Dichterbij en Stevig. “Prachtig werk! Ik doe het nog wel op parttimebasis. Het is leuk om te doen.” Toch ging zijn pad ook een hele andere kant op. Sinds 2015 is hij zelfstandig, maar vooral trotse, ondernemer van zijn eigen bedrijf: ‘SAMEN EEN Innovatie’.
“Ik kwam er pas later achter hoe belangrijk ik het vind om van tijd tot tijd nieuwe dingen te doen. Daar krijg ik energie van!”
Tot 2000 was hij begeleider behandeling. Daarna groeide hij door tot projectleider, programmaleider en beleidsmedewerker. Hij rondde de opleiding HBO-verpleegkunde, de Master Management en Innovatie af en is gecertificeerd Voort facilitator. “Ik werkte als beleidsmedewerker toen ik door grootschalige reorganisatie de kans kreeg om de organisatie te verlaten. Dat was voor mij hèt moment om te doen wat ik al een hele tijd wilde doen. Het volgen van mijn droom: starten met een eigen bedrijf”. In de tijd dat Geert zijn nieuwe bedrijf opstartte kwam hij in aanraking met het landelijk netwerk: “Gave Dingen Doen.” Een netwerk van enthousiaste en bekwame facilitators die met elkaar én de gemeenschap de verbinding aangaan.