Offcanvas
Zoeken
Hulp vragen is geen zwakte, het is juist sterk. Er is altijd wel een oplossing.

Hulp vragen is geen zwakte, het is juist sterk. Er is altijd wel een oplossing.

Voor de campagne Hulp vragen mag gingen we in gesprek met Ruud Hanssen, hoofdagent bij Politie Echt hoe de Politie investeert in laagdrempelig contact om toegankelijk te zijn voor jongeren.

Kun je jezelf kort voorstellen? 

“Ik ben 33 jaar en werk nu zo’n 2,5 jaar in Echt als hoofdagent in de noodhulp. Voordat ik bij de politie kwam, heb ik vijf jaar in het basisonderwijs gewerkt als gymdocent. Die achtergrond neem ik elke dag mee in mijn werk met jongeren.” 

In welke gebieden werk je en met welke leeftijdsgroep heb je vooral te maken? 

“Ik werk in Roerdalen, Maasgouw en de gemeente Echt-Susteren. Als noodhulp zijn we niet aan één gemeente gekoppeld zoals wijkagenten. Wij komen in het hele gebied en kunnen overal ingezet worden. We komen jongeren van allerlei leeftijden tegen, maar het meeste contact hebben we met jeugd tussen de 8 en 16 jaar.” 

Jullie gaan bewust de wijk in om te gamen en te voetballen met jongeren. Hoe is dat ontstaan? 

“We gaan niet bewust de wijk in om te voetballen met de jeugd, maar pakken de ruimte als deze er is. Normaal komen we vaak alleen langs als er iets negatiefs is gebeurd. Nu komen we juist langs om te vragen of we een potje voetbal mee mogen doen. Jongeren reageren daar heel enthousiast op. We kregen zelfs van ouders via social media terug dat kinderen enthousiast thuiskwamen. Dat is ook precies waarom ik dit doe. Het is geen verplichting; niet alle collega’s doen dit. Je kiest hier zelf voor en het moet ook bij je passen.” 

Waarom is het belangrijk dat de politie zichtbaar en benaderbaar is voor jongeren? 

“Voor kinderen en jongeren is het een hele grote stap om naar de politie toe te gaan. Op momenten dat het kan, willen we daarom investeren in laagdrempelig contact. Als we hen later thuis of in de straat tegenkomen, is onze insteek dat ze zich dan veiliger voelen en eerder hun verhaal durven te doen.” 

“Ik merk dat als jongeren me echt nodig hebben, ze sneller naar me toe komen. Ze herkennen me, soms zelfs bij naam:  Dat maakt het contact veel makkelijker.” 

Wat gebeurt er als dat contact er niet is? 

“De politie komt in de media vaak afstandelijk over. Terwijl we juist in een landelijk gebied als dit de kans hebben om dichter bij jongeren te staan dan in een grote stad. Door zichtbaar te zijn en normaal contact te maken, zien jongeren dat wij ook gewoon mensen zijn. Dat helpt om het beeld positiever te maken.” 

Merk je dat jongeren moeite hebben met hulp vragen? 

“Ja, absoluut. Tegelijkertijd zijn we ons er heel goed van bewust dat we dit niet zomaar oplossen. Je vraagt niet meteen hoe het thuis gaat of wat iemand bezighoudt. Dat vraagt tijd, vertrouwen en investeren. Dat doen we bewust. Als we uiteindelijk één jongere bereiken die zich durft uit te spreken, is dat al heel waardevol.” 

Wat merk je wanneer je met jongeren gamet of sport? 

“We staan regelmatig in speeltuinen of op pleintjes. Jongeren herkennen ons, maken makkelijker een praatje en zijn minder argwanend. Als we een keer moeten optreden, is daar ook meer begrip voor.” 

“We zijn ook sinds kort gestart met gemengde patrouilles: één Nederlandse collega en één Belgische collega. Dat doen we ongeveer één keer per maand, maar ook bij evenementen zoals kermissen en bij andere evenementen in grensgebieden waar veel Nederlandse jeugd komt. Laatst heb ik de Belgische collega’s ondersteunt bij een drugsactie op scholen in Maaseik. Jongeren herkenden mij en zeiden me gedag. Mijn Belgische collega vroeg hoe ze mij kenden, en dat kwam echt door dat laagdrempelige contact.” 

Hoe zou jij beschrijven hoe het momenteel gaat met jongeren in jouw wijk? 

“We hebben vooral te maken met overlast van hangjongeren. Dat hoeft niet meteen problematisch te zijn, maar zonder contact kan het wel sneller uit de hand lopen. Soms zie je dat iemand snel boos wordt, een grote mond heeft of grenzen opzoekt. Door benaderbaar te blijven en in gesprek te gaan, voorkom je vaak escalatie.” 

Hoe is de samenwerking met andere partijen? 

“Die is hier heel goed. We hadden een groepje jongeren die voor flinke overlast zorgde. Toen hebben we snel geschakeld met de gemeente, jongerenwerk en andere hulpverleners. We organiseerden een spoedoverleg, brachten in kaart wie de jongeren waren en bepaalden samen de aanpak.” 

Hoe ga je om met het uitdelen van boetes? Dat vindt toch niemand leuk? 

“Jongeren weten vaak zelf heel goed wanneer ze iets fout doen en dat daar consequenties aan vastzitten. Je kunt boos worden en streng optreden, maar je kunt ook het gesprek aangaan. Elke collega bepaalt uiteindelijk zelf of iemand een waarschuwing krijgt of een proces-verbaal.  

In de actualiteit lees je veel over foto’s en video’s die verspreid worden onder jongeren. Merk jij dit ook? 

“Ja. Tijdens mijn politieopleiding werd ik gevraagd om voorlichting te geven aan een brugklas met kinderen die ik kende toen ik nog gymdocent was. Ik had vroeger aan de meeste kinderen lesgegeven op de basisschool. Er werden naaktfoto’s verstuurd, filmpjes gedeeld. Ik ben toen het gesprek met hen aangegaan. Je merkt dan dat jongeren zich totaal niet bewust zijn van de impact. Door dat bespreekbaar te maken, ontstaat bewustwording. Dat is precies waar preventie over gaat.” 

Wat kunnen scholen of professionals doen om de drempel te verlagen? 

“Investeer in relaties. Wees zichtbaar, geef voorlichting en zorg dat jongeren weten wie je bent en waar ze terechtkunnen voor hulp. Wij als politie signaleren en verwijzen door naar de juiste hulpverlening. Wij lossen de problemen niet alleen op, maar een band helpt wel om jongeren te verwijzen naar de juiste hulpverlening.” 

Veel jongeren denken bij de politie alleen aan straffen. Wat kun je daarover zeggen? 

“Dat beeld klopt niet altijd. Uiteraard is de hoofdtaak van de politie om strafbare feiten op te sporen. Maar daarnaast kunnen we ook ingezet worden voor de hulpverlening.  

Wat zou je willen dat jongeren écht weten over de politie? 

“Dat we benaderbaar zijn. En dat ouders daarin ook een rol hebben. Op schoolpleinen hoor je soms: ‘Die moet je hebben.’ Dat helpt niet. Dat zet ons in een negatief daglicht. Terwijl mensen hier aangifte komen doen en wij er zijn om te helpen. Spreek ons vooral aan op straat of zwaai naar ons. Daarnaast is werken bij de politie leuk. Denk daar ook eens aan. Door te kiezen voor een baan bij de politie kun je zelf ook meewerken aan het verbeteren van het contact met jongeren.” 

Als je één boodschap mocht meegeven aan jongeren, wat zou dat zijn? 

“Praat als je problemen hebt. Of dat nu digitaal, via een berichtje of face-to-face is. Zorg dat een volwassene van je zorgen of problemen afweet, zodat iemand je kan helpen.” 

Wat zou je zeggen tegen een jongere die twijfelt om hulp te vragen? 

“Ik snap dat het moeilijk is. Maar hulp vragen is geen zwakte, het is juist sterk. Er is altijd wel een oplossing.” 

lees ook

Vierde bijeenkomst Burgerberaad MooiMaasvallei: Definitieve adviezen

deel dit artikel