Lizz (21): “Mijn leeftijd zei niets over hoe zwaar het voor mij was”
Lizz is 21 jaar. Wat ze deelt, doet ze omdat ze weet dat haar verhaal herkenbaar kan zijn voor andere jongeren. Want ook al ben je jong, dat betekent niet dat wat je meemaakt minder zwaar is.
De periode die voor Lizz het meest ingrijpend was, ontstond niet door één gebeurtenis, maar door een opeenstapeling. Ze groeide op in een onveilige thuissituatie en ging uiteindelijk uit huis. Tegelijkertijd voelde ze steeds meer prestatiedruk op haar opleiding en kreeg ze te maken met geldzorgen. Zelfstandig wonen bleek allesbehalve makkelijk. Langzaam raakte ze mentaal uitgeput en belandde ze in een diep dal. Uiteindelijk kreeg ze te maken met PTSS en een angststoornis
“Alsof het minder erg was, alleen omdat ik jong was.”
“In die tijd voelde ik me vooral heel alleen,” vertelt Lizz. “En vooral onbegrepen.” Ze merkte dat mensen vaak niet zagen dat jongeren net zo goed heftige situaties meemaken als volwassenen. Dat haar gevoelens werden gebagatelliseerd, maakte het extra pijnlijk. “Alsof het minder erg was, alleen omdat ik jong was.”
Het zwaarst vond ze de angststoornis die ze ontwikkelde. Drukke plekken werden iets om te vermijden. Ze was constant bang voor paniekaanvallen. “Soms had ik er wel vijf op een dag,” zegt ze. “Omdat ik toen niet wist wat het was of hoe ik ermee om moest gaan, voelde het alsof mijn hele leven werd ingeperkt.” De angst bepaalde waar ze naartoe durfde, wat ze deed en hoe vrij ze zich voelde.
Ze had het geluk dat er op haar opleiding, hulpverleners rondliepen die haar de juiste richting op hielpen.
In die periode wist Lizz niet waar ze terechtkon voor hulp. Nog steeds vindt ze het soms onduidelijk waar je precies professionele ondersteuning kunt krijgen. Ze had het geluk dat er op haar opleiding, hulpverleners rondliepen die haar de juiste richting op hielpen. Zij verwezen haar door naar een noodopvang voor jongvolwassene. Ook hebben ze haar in contact gebracht met WMO, zodat ik samen met de gemeente kon kijken hoe ik op kort termijn hulp en een woning kon krijgen. Waardoor ik een mooie woning kon huren. Zonder hen had ze waarschijnlijk nog veel langer alleen doorgelopen met haar klachten.
Wat ze ook deed, was online zoeken. Ze wilde begrijpen wat er in haar lichaam en hoofd gebeurde. “Ik zocht uitleg, maar ook herkenning,” vertelt ze. “Gewoon weten dat je niet de enige bent, helpt al een beetje.”
“Gewoon weten dat je niet de enige bent, helpt al een beetje.”
Terugkijkend ziet Lizz dat er veel mensen waren die haar hadden kunnen helpen. Niet omdat iemand tekortschiet, maar omdat signalen vaak niet worden herkend. “Als je niet weet waar je op moet letten, zie je het ook niet,” legt ze uit. Al waren er wel degelijk signalen. Ze verloor in vier maanden tijd dertig kilo, ging destructief met zichzelf om en verborg dat nauwelijks. Toch werd het niet opgemerkt of naar gevraagd. Volgens Lizz is het belangrijk dat er meer kennis komt over signalen van slechte mentale gezondheid en ingrijpende gebeurtenissen.
Wat jongeren volgens haar vaak tegenhoudt om hulp te vragen, is de cultuur waarin mentale problemen bij jongeren worden afgedaan als aanstellerij. “Alsof je aandacht zoekt,” zegt ze. Daarnaast speelt de thuissituatie een grote rol. “Als je nog thuis woont en bang bent je enige veilige plek te verliezen, ga je niet snel om hulp vragen.”
Daarom gelooft Lizz sterk in het belang van een anonieme plek om je verhaal te kunnen delen. “Alleen al vertellen wat je meemaakt kan opluchten,” zegt ze. “En anonimiteit voelt veilig, zeker als je nog niet klaar bent om het met mensen om je heen te delen.”
“Alleen al vertellen wat je meemaakt kan opluchten.”
Niet alles wat mensen tegen haar zeiden, hielp. Ze herinnert zich nog goed dat haar moeder, toen Lizz veertien was en een depressie kreeg, zei: ‘Alle tieners zijn wel eens verdrietig.’ “Dat deed veel pijn,” zegt ze eerlijk. Wat wel hielp, waren vrienden die zeiden dat ze altijd bij hen terechtkon, en dat ook echt lieten zien. “Dat gaf vertrouwen.”
Na jaren kwam er wel hoop. Een belangrijk moment was toen ze haar vriend ontmoette. “Hij luisterde, pushte niet en gaf me het gevoel dat hij echt gaf om hoe het met mij ging,” vertelt Lizz. “Dat iemand je begrijpt, maakt een wereld van verschil.”
De afgelopen jaren heeft Lizz veel geleerd over zichzelf: wat haar energie geeft, wat haar inspireert en hoe ze met emoties omgaat, die van zichzelf en van anderen. Misschien wel de belangrijkste les die ze heeft geleerd, is dat je nooit weet wat iemand doormaakt. “Vraag ernaar,” zegt ze. “Check bij de mensen van wie je houdt.”
“Steun zou normaal moeten zijn.”
Wat ze hoopt dat mensen meenemen uit haar verhaal, is dit: leeftijd zegt niets over hoe zwaar iets kan zijn. “Steun zou normaal moeten zijn,” zegt ze. “Maar veel jongeren weten niet waar ze die kunnen vinden.”
Aan jongeren die nu worstelen, wil Lizz meegeven:
“Je bent niet alleen. Zoek iemand die hier verstand van heeft, zoals een professional, die je kan helpen de juiste kant op te gaan. Het duurt misschien even, maar het komt goed.”
En tot slot haar oproep aan iedereen:
“Let op jezelf, maar ook op elkaar. Vraag hoe het écht gaat. En als je iets ziet wat niet klopt, durf het gesprek aan te gaan.”
Hulp nodig? Je hoeft het niet alleen te doen
Misschien herken je jezelf in (delen van) Lizz’ verhaal. Of merk je dat het iets bij je losmaakt. Wat het ook is: je hoeft er niet alleen mee rond te blijven lopen. Hulp vragen mag.